Borstvergroting is tot op heden een van de meest uitgevoerde plastische ingrepen. Deze ingreep doet het zelfbeeld van de vrouw in grote mate toenemen.

Siliconegel
Silicone is een familie van chemische bestanddelen met verscheidene gemeenschappelijke gebruiken.
Silicone komt van silicon, natuurlijk bestanddeel van zand, quartz. Naast zuurstof is silicon het meest frequente element op de aardkorst. Silicon met zuurstof, stikstof en waterstof wordt silicone en kan als poeder, gel, olie en elastomeren vervaardigd worden.
Waarschijnlijk gebruik je dagelijks silicone zonder het te realiseren. Om die reden is silicone ideaal voor verspreid gebruik : gaande van borstimplantaten, instrumenten tot handlotions en lipstick. Zelfs voedsel bevat silicone.
Al meer dan 50 jaar wordt het in de consumentenmaatschappij frequent gebruikt.
Silicone wordt al meer dan 50 jaren in de medische wereld gebruikt. Geen enkel materiaal vindt zijn gelijke in silicone : biocompatibel, flexibel, zacht en gemakkelijk steriliseerbaar.
In ieder geval is silicone NIET kankerverwekkend, veroorzaakt het GEEN geboorteafwijkingen en bestaat er GEEN oorzakelijk verband met systeem- of immuunziekten.
Intake consultatie
Op de eerste raadpleging zal U samen met de chirurg uw persoonlijk gewenste volume bepalen. Gelieve hiervoor een strakke T- shirt, samen met verschillende bustehouders naar de raadpleging mee te brengen.
Er gebeurt een familiale anamnese naar borstkanker en bij nood aan extra informatie vragen we best preoperatief een echomammografie.
Keuze van het implantaat :
Om een groter borstvolume te creëren bestaan er verschillende technieken en verscheidene typen prothesen.
Silicone-, gel- en watergevulde prothesen. Daarnaast kan men spreken van een glad of een ruw oppervlakte (gladde of getextureerde prothesen), bijkomende variaties zijn ronde hoog- of laagprofiel prothesen, druppelvormige prothesen, inflatable of vast volume prothese.
De meeste fabrikanten geven vandaag een 30-jarige garantie op alle siliconegel implantaten.
Siliconegel prothesen hebben het voordeel dat zij de mooiste vorm geven, het prettigst aanvoelen, met andere woorden de natuurlijke aspecten van een borst het best nabootsen.
Er zijn 3 toegangswegen om een prothese te plaatsen.
Inframammair : Hier wordt een litteken onder de borst geplaatst ( 3 - 4.5cm ), langswaar een pocket of ruimte om de prothese te plaatsen wordt gemaakt. Het voordeel is een perfect zicht tijdens de operatie en juiste positionering van de prothese is altijd mogelijk. Het nadeel is een klein litteken op de borst, maar weliswaar op een onzichtbare plaats. Bovendien helen deze littekens meestal zeer mooi.
Axillair : In de oksel wordt een snede van 4 - 5 cm gemaakt om toegang naar de borst onder de grote borstspier te creëren. Het voordeel is geen litteken op de borst, maar op een relatief onzichtbare plaats in de voorste okselplooi. Het nadeel is dat men geneigd is de prothese te hoog te plaatsen en steeds onder de spier zit, wat ongunstig is bij sportlui. Deze toegang kan ook niet gebruikt worden bij prothesen met een volume groter dan 400cc.
Peri-areolair : Hier wordt een snede gemaakt in de tepel en langs deze toegangsweg een pocket gecreerd om de prothese te plaatsen. Het nadeel is een iets moeilijkere dissectie en een zichtbaar litteken op een zichtbare plaats. Verder is er een verhoogd risico op lactatie-insufficiëntie (melksecretie) achteraf.
Een prothese kan zowel boven als onder de borstspier geplaatst worden. Boven de spier geeft een mooiere borst, maar kan niet bij erg magere patiënten, aangezien men de boord van de prothese ziet en voelt. Dit is nog meer uitgesproken bij watergevulde prothesen. Onder de spier gaan geeft het voordeel om op langere termijn een lagere frequentie aan kapselvorming te hebben, maar geeft een iets minder natuurlijke borst en wordt ook niet toegepast bij sportlui.
Ingreep en ontslag
De ingreep kan zowel onder lokale- als onder algemene narcose gebeuren.
Een algemene narcose vereist een dagklinisch ziekenhuisverblijf, terwijl een lokale verdoving buiten een ziekenhuis kan gebeuren. Bij ontslag is het belangrijk niet op eigen krachten huiswaarts te keren en geen enkele inspanning te doen.
Sitemap voor extra informatie omtrent borstprothesen
[in voorbereiding]
Nazorg
Na de ingreep volgt de eerste raadpleging op 1 week voor verbandwissel.
De tweede week worden de hechtingen door de verpleegster verwijderd.
Bij pijnklachten is het voordelig Voltarenzalf op de borsten te appliceren.
Postoperatief dient men na 2 weken na verbandverwijdering, een voldoende grote BH met een beugel onder de borst en niet op het litteken te dragen.
Postop medicatie
| Haal nu reeds uw pijnmedicatie bij de apotheker | Generische geneesmiddelen | |
| Dafalgan codeine 500mg : 3x2compr. /d. | Docparacod Codeine 500mg: 3x2compr./d | |
| Valtran druppels 3x8 druppels /d. | Tinalox 20ml 3x8dr./d. | |
| Feldene Lyotabs 2x/d. | Geen generieken | |
| Voltaren suppo 100mg 2 – 3x/d | Diclofenac Teva 100mg | |
| Antibiotica : Duracef 500mg 3x/d. | Cefadroxil Sandoz 500mg 3x/d |
Complicaties
Complicaties kunnen ingedeeld worden in vroege en late verwikkelingen.
Vroege complicaties zijn erg zeldzaam : infecties, wondproblemen, verlies van sensibiliteit tepel ( 4% ).
De belangrijkste late complicatie is kapselvorming. De frequentie is afhankelijk van het type prothese en plaatsing van de prothese. Deze is 10% bij een gladde prothese geplaatst boven de spier en 4% bij een getextureerde prothese. De frequenties dalen naar 2% respectievelijk als men onder de spier werkt.
In de kapselvorming bestaan 4 graden naargelang de ernst en klachten ( = vormafwijking, verharding en pijnklachten ).
Algemeen hebben getextureerde of ruwe prothesen een lagere frequentie aan kapselvorming.
Esthetische behandelingen